Werkbedrijven en activeringstrajecten: reparatie als opstap naar werk

Werkbedrijven, sociale werkplaatsen en re-integratietrajecten hebben allemaal hetzelfde probleem: er is werk te doen, maar het is zelden werk waar iemand daarna mee verder kan. Sorteren en inpakken leert je geen vak.
Reparatie wel, en het past verrassend goed in een traject.
Waarom het past
- Weinig theorie. Wie moeite heeft met lezen, kan dit vak gewoon leren. Het is voordoen, nadoen, corrigeren.
- Snel resultaat. Binnen een dag heeft iemand een toestel gerepareerd dat het weer doet. Dat doet iets met iemand die lang niets heeft afgemaakt.
- Rustig werk. Aan een tafel, met licht, in je eigen tempo. Geen lawaai, geen ploegendienst, geen zware fysieke belasting.
- Er zijn vacatures. Telefoon- en computerzaken zoeken doorlopend mensen die netjes kunnen werken.
Hoe een traject er bij ons uitziet
We beginnen met een dag waarop iedereen alles één keer doet: openen, accu, scherm, testen. Na die dag weet je meestal welke deelnemers het leuk vinden en welke niet. Dat is waardevolle informatie, en het kost één dag.
Daarna gaat de groep die verder wil door met de echte cursus, met een aftekenlijst per persoon. Wie een punt niet haalt, oefent dat ene punt opnieuw — er is geen zakken.
En daarna
Wie de toets haalt, kunnen wij bemiddelen naar een winkel. De deelnemer betaalt daar niets voor; dat mag ook niet, en dat is maar goed ook. De winkel die iemand aanneemt, betaalt.
Voor de begeleider betekent dat: het traject eindigt niet met een certificaat maar met introducties bij zaken die iemand kunnen gebruiken.
Praktisch
We komen naar de locatie toe, met gereedschap en oefentoestellen, en werken met maximaal twintig deelnemers per groep. Grotere groepen splitsen we over twee dagen.
Wat het kost hangt af van de groep en het aantal dagen. Een gesprek vooraf kost niets en levert meestal al een realistisch plan op.